Stapdag 08. Logrono – Azofra 37 km

Ik heb jullie vanmorgen verlaten, denk ik, bij mijn ontbijt. Ik was mijn broodjes aan het smeren en ook Francesca was aan het ontbijten. Francesca was een van de 2 dames die bij mij op de kamer geslapen hebben. Ellis was de Amerikaanse. De opmerkelijk beide stille, geen contact zoekende kamergenoten leefden in London, maar Francesca was uit Rome, ze is zelfstandig video-editor, maar denkt er aan om terug naar Rome te gaan. Het wordt veel te duur en met de brexit in het achterhoofd zal het waarschijnlijk nog erger worden.

Na 2 koffies uit de automaat, was ik af en ruim ik op. Even na 8 vertrek ik door Logrono op pad naar het 31 km verder gelegen Najerra. Ik ben nog maar vertrokken of ik kom een bekende onbekende tegen. In de Vlaamse albergue in Los Arcos, lag een jonge vrouw bovenaan in het stapelbed waarvan ik een foto hier al gepost heb; van de luidruchtige Spanjaard. Toen had ik haar enkel rood en gezwollen gezien. Haar achillespees was ontstoken en nog niet een klein beetje. Claire uit Australië was na een martelgang naar het ziekenhuis gemoeten.

Einde droom, ik had haar in Los Arcos nog hulp aangeboden met mij 1 kg wegende EHBO-pakje. Mieke heeft gezorgd voor haar man, ik moet hier niet naar de apotheek die in elk klein dorpje aanwezig blijkt te zijn. Daar sta je dan aan de andere kant van de wereld met je droom. Ik kan haar geen buen camino meer wensen. En nu terug vliegen? ‘Neen, met de bus naar Madrid en dan vlieg ik naar Portugal en blijf daar een maand.’ Ik zwaai ze uit. Ja, volgers van mijn blog, weten dat mijn achillespees mij twijfels brengt over het slagen van deze camino, maar tot zover totaal geen pijn. Even verder stap ik al van ’s morgens vroeg een kerk binnen en steek een eerste kaars aan, een echte.

CaminoFrances dag 08 2017-04-28 027

De weg leidt door de stad en daarna door een lang park waar oudere mannen in trainingspak een stevige wandeling houden, een variatie tussen de enkele rugzakken.

 

Na 4 km bijna de stad uit en ik herken het kleine silhouet met grote rugzak van, jawel Claude, de Zwitser. Hij heeft last van 2 grote blaren. We praten wat over de voorbije dagen en over computers, blijkbaar heeft deze man zelf een databankje in Acces gemaakt om de klachten in Lausanne van de post bij te houden omdat het programma van de post zelf te oud en niet bruikbaar was.

Om elkaar te contacteren onderweg belt hij me op met zijn Spaans nummer, een kaartje met 3 GB aan data. Ik sla zijn gegevens op met een foto van hem. Op het einde van een meertje houden we halt om onze broekspijpen uit te trekken bij een kluizenaar met lange baard. Hij verkoopt van alles, ik geef gewoon wat kleingeld en als dank krijgen we een halve appelsien.

De stempel dat hij geeft is een unieke, namelijk met een ezel. Blijkbaar moet die kluizenaar goed verdienen want achter zijn barak staat een beletterde wagen met een mooie ezelsticker.


Claude begint me te kennen. Wanneer ik stop om foto’s te nemen, loopt hij rustig verder, want ik haal hem toch in. Met zijn kleine pootjes moet hij meer stappen zetten, toen hij in het Zwitserse leger was, nu nog altijd verplicht, moest hij als kleinste van zijn peleton achteraan meestappen, de grootsten liepen met grote stappen voorop. 40 km stappen met een rugzak die ook zoveel woog. Op oefening moest hij gewoon slapen in een zelfgemaakte Iglo. Claude heeft enorm last van zijn blaren en ik neem afscheid met te zeggen dat we elkaar 4 km verder in Navarette zouden zien waar ik zou eten. Intussen foto’s nemen van vogels, eekhoorns, kruisen langs snelweg, een grote stier. Steven de Ier passeer ik opnieuw wanneer hij steunend op zijn nieuwe wandelstok, de vorige was door iemand anders meegenomen, een sigaretje rookt en kijkt naar de weer prachtige landschappen. Oh ja, had ik al gezegd dat het weer prachtig weer was en het kwik intussen van nul naar 15 graden was gestegen? Het zicht op Navarette met de besneeuwde bergtoppen is mooi.

De kruisen en Steven

In Navarette stap ik de kerk binnen en naast de gebruikelijke stempel, pin ik mijn naam op de kaart van Europa, Kuurne ligt toch naast Rijsel zeker, wat is 30 km, even doorstappen. De tip om deze kerk te bezoeken kwam gisteren via deze blog van ex-collega Patrick die vorig jaar deze camino in barslechte weersomstandigheden heeft moeten wandelen. Het schijnt trouwens dat er sneeuw ligt en slecht weer is op de col die ik precies 1 week geleden in prachtig weer heb overgetrokken. Ik steek met een euro de verlichting aan in de kerk.

 

Opnieuw een barokke pracht in dit nu kleine stadje. Toen ik een nadien een kaars had aangestoken en naast een Spaanse jonge man in alle stilte die gouden taferelen had gade geslagen, floepte het licht uit. Bij het buitengaan dwars ik de stille Ellis, Put the light on, zeg ik haar.
Naast de kerk is er een bar met terras, ik zet me in de zon en bestel een paella mixte, die heel lekker is, de terras loopt vol, Fransecka, Ellis, die stil komt zeggen:

Ellis en Franceska

‘Thanks for the tip of the light’, en even later ook Claude, die aan mijn tafel komt zitten, Claude gaat niet eten want hij had al gegeten. Ik geniet, hoewel er met 12 km op de teller er toch nog een lange weg van 19 km op het programma staat. Dinsdag in Burgos komt een jeugdvriend van Claude hem vergezellen tot in Santiago. Ik vertel hem over mijn achtergelaten id-kaart, hij antwoord: Het enige dat jij niet zal vergeten is je fotocamera, hij begint me al te kennen.

Ik vertrek na een break van een uurtje, maar ik heb nu toch al goed gegeten. Bij het buitengaan van Navarette zie ik een schoorsteen met ooievaars, ik neem een foto. ‘You have seen them’, zegt Sue (Susan) die achter mij passeert. Ik ben gestopt met foto’s nemen zegt deze oudere Britse. Dit is de achtse maal dat ik op camino ben en de eerste maal nam ik honderden foto’s, toen ik terug thuis was, moest ik ze overal in lezingen gaan tonen, maar ik verloor de essentie, I Do not blame you, certainely not. Al 8 jaar is ze vanuit de buurt van Londen, al die Londense dames vandaag, op stap, ieder jaar een stukje, uitgenomen vorig jaar niet, ze spaarde het verlof op voor dit jaar 6 weken naar Santiago te gaan. Aan een kerkhof stopt ze, ik neem foto’s en ga weer op pad.

Franseska steek ik opnieuw over zonder een woord te zeggen, zij schreidt door de velden. Stil, soms armen voor haar gekruist, nu met een fles water in haar hand, met niemand praten, zo beweegt ze door de rioja wijngaarde/

Het wordt warm, ik smeer me opnieuw in. Wanneer ik een kilometerslange traject langs de snelweg voor de boeg heb, besluit ik muziek op te zetten om het geraas niet te horen. Met muziek van Tears for Fears zet ik me in hoogste versnelling om zo snel mogelijk weer de stillenatuur in te kunnen. In de song seewing the seeds of love, komen er fragmenten zinnen in die me raken, ik laat het nummer opnieuw afspelen.

Feel the pain, if you a worried man, talk about it.

Misschien had ik dit nummer beter gekozen vanmorgen.

Ik versnel weer en de stipjes worden net als met zoomobjectief rugzakken met voeten, 6 km per uur, het gaat vlot vandaag.

 

Ik verlaat de snelweg en klim in een met keien stijend pad naar boven. Ik kom bij Steven de Ier. Aan een bank besluit ik even na mijn speedmars te rusten. Onze aandacht gaat naar een nieuw paar bergschoenen die daar op staan. Er zit een briefje in.

Wat is hier gebeurd, ik zet me op de bank om wat eten en te drinken. Dit briefje interesseert mij. Het briefje was bedoeld voor Jeff. Wie zijn Jeff en Ollie en wie heeft het geschreven Trudie of Tindie, hoelang staan ze daar, op wat loopt ze nu, Kerimar schoenmaat 38? Ik zet me in de schaduw en tientallen pelgrims passeren, ze nemen een foto van het prachtig vergezicht maar niemand kijkt om naar die schoenen.

Ik ga verder tot ik bijna in de stad terug schoenen zien staan, een briefje in’ take me if you need me. Zo mysterieus niet deze keer.

Rond 4 uur na 31 km in Najera toegekomen op zoek naar een albergue. De eerste dicht, de tweede, net naast een vuilbakken park waar een tiental mensen in de vuilbakken aan het zoeken zijn, slik, de eerste keer echt hier met armoede geconfronteerd, alles is hier vuil en opgesloten, ik wandel door de bevlagde straten, er lijkt hier een feest te zijn, 3e albergue se vendre, te koop , 4e complet, Op het plein waar een groot podium staat,er zijn hier optredens, kijk ik hoe ver het is naar de volgende plaats want hier wil ik niet blijven. Azofra ligt een 6 km verder, een uurtje doorstappen. Net op dat moment krijg ik een sms van Griet, we zitten met de mannen van oudenaarde in Azofra. Ik contacteer ze of er nog plaats is. Er is nog plaats in een pension en ik zet volle vaart een steile beklimming in. Ik heb genoeg water mee, want de zon brandt. Wat is dit hier in de zomer? prachtige vergezichten begeleiden me naar Azofra.

Om 17u30 kom ik aan en Griet zit op het terras te zwaaien samen met Albert, Lieven en Martin. Ik krijg mijn sjieke kamer en bestel een goeie pint, we vertellen bij spijs en drank al onze verhalen aan elkaar. Ik ben niet de enige die wonderbare belevenissen heeft. Teveel om op te noemen.

Toen we ons dessert op hadden, bleek Stan, achter onze tafel te zitten, de 25 jarige uit Burcht die ik als eerste ontmoet had, een nieuwe fles gaat eraan.

We gaan allen gaan slapen met een gelukzalig gevoel.

al 198 km – nog 577 km

Ia in amore

Foto’s op de blog gaat moeilijk

Advertenties

Een Reactie op “Stapdag 08. Logrono – Azofra 37 km

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s